|
Een stukje
geschiedenis
(deel 2: De 20e eeuw)
© tekst:
Ruut Tilstra - 'De Witte Herder; Uit de schaduw in het
licht'
De twintigste eeuw
 Berno
von der Seewiese - 1913 |
In
de eerste vijftien jaar van de nieuwe eeuw loopt de
geschiedenis van de Witte Herder parallel met de fokkerij
van de Duitse Herder. In feite is er weinig bekend over de
Witte Herder uit die tijd. Er wordt niet op kleur gefokt,
althans er worden geen kleuren uitgesloten voor de fokkerij.
Wel probeert men het ideaalbeeld van de geel/bruine hond
vast te houden. Als we kijken naar de beschrijvingen van de
honden zien we vaak; ‘geel en grauw’, ‘grauw en tan’, ‘wit
en grauw’ of ‘wolfsgrauw’. Mochten er al witte honden
gebruikt zijn in de fokkerij in de eerste twee decennia, dan
is daar niet of weinig over uitgeweid. Wel is er in het boek
van Von Stephanitz (1921) een foto te zien van Berno von der
Seewiese - de eerste Witte Duitse Herder geregistreerd in
het SZ - geboren 24 maart 1913 en gefokt door G. Uebe von
Seehausen. Een prachtige witte reu, met een uiterlijk
waarvan onze huidige stokhaar Witte Herder slechts weinig
afwijkt. Berno is de zoon van Tyranin von Maingau en Gisa
von Kameltal en is in de 5e generatie een directe
afstammeling van Horand von Grafrath en Mores Plieningen SZ
159 via Ch. Hektor von Schwaben en zijn zoon Beowulf von
Nahegau.
Enkele zeer belangrijke
afstammelingen van Horand von Grafrath, die een onuitwisbaar
stempel hebben gedrukt op de fokkerij van Duitse (Witte)
Herders, moeten hier wel worden genoemd. Allereerst de
beroemde zoon van Horand, kampioen 1900/01 Hektor von
Schwaben en de al even beroemde Baron von der Krone, een
naam die we terug kunnen vinden in de lijnen van onze
huidige Witte Herder. Ook Beowulf en Pilot, broers en
nakomelingen van de teef Thekla I vd Krone (een volle zus
van Baron), hebben zich niet onverdienstelijk gemaakt.
Horand is de grootvader van zowel vaders- als moeders kant.
Als we de stamboom van de eerste in Amerika geboren witte
pups in de kennel van Ann Tracy bekijken – 1917 - komen we
de naam ‘Graaf Eberhart von Hohen- Esp’ tegen SZ 1135. Deze
hond, ‘Hektor’ genoemd, is van vaders kant een afstammeling
van Beowulf’s beroemde broer Pilot en Nelli II Eislingen.
Hij is tevens de grondlegger van de beroemde ‘Boll’ en
‘Kriminalpolizei’ lijnen. Ook kampioen 1906/07 Roland von
Starkenburg – met als grootvader Horand’s zoon Hektor von
Schwaben - is een steeds terugkerende naam in de stambomen
van onze Witte Herders. Roland is de vader van
Hettel-Uckermark, een andere bekende lijn in de stambomen.
Het zou te ver gaan om een totaalbeeld te geven van de
verwantschap van de Witte Herder met de Duitse Herder; in
ieder geval zijn deze honden zijn de grondleggers van ons
totale Witte Herder bestand geweest.
Ann
Tracy
In het begin van de twintigste eeuw komt de fokkerij
van de Duitse Herder in Duitsland tot grote bloei.
In 1906 zijn er inmiddels 6000 honden ingeschreven
in het stamboek. Langzaam maar zeker begint men
honden te exporteren; de Duitse Herder blijkt een
zeer geliefde hond. In datzelfde jaar wordt de
eerste hond naar Amerika gebracht. Het betreft Mira von Offingen die echter
niet voldoet in Amerika. Nadat ze het heeft afgelegd
tegen Queen von Switserland op de New Yorkse Show
in 1908 wordt ze terug gestuurd naar Duitsland
zonder ingeschreven te zijn in het Amerikaanse
stamboek.
De eerste
ingeschreven Duitse Herder in Amerika is dan ook
Queen von Switserland, een teefje uit de inmiddels
fameuze lijn von Krone. In 1913 wordt de ‘German
Shepherd Dog Club of America’ opgericht door een
handjevol mensen. De Club telt dan 26 leden. Mrs.
Halstead-Yates wordt voorzitter, mr. Emkin
vice-voorzitter en mr. Troop is de penningmeester.
Dee Amerikaanse
Kennelclub (AKC) noemt het ras officieel ‘German
Sheepdog’.
Niet voor niets is de naam Ann Tracy wereldwijd bekend
geworden bij de liefhebbers van de Witte Herder. Ann is lid
van de ‘German Shepherd Dog Club of America’ en fokt Duitse
Herders. Ze kan met recht een fervent liefhebber van het ras
worden genoemd. Daarnaast is ze tevens een nichtje van
Pouteny Bigelow en samen met deze oom maakt ze vele
rondreizen door Europa, waarbij ze veelvuldig in aanraking
komt met de Duitse Herder. Dat verklaart haar grote
voorliefde voor dit ras. Tijdens deze rondreizen brengt ze
regelmatig bezoeken aan Keizer Wilhelm (een studievriend van
haar oom) van het Duitse keizerrijk Hohenzollern en het
bevriende Oostenrijkse Huis von Habsburg. Aan dit hof
ontmoet ze prins Simon Eristof, met wie ze in het huwelijk
treedt. Het kan zijn dat Ann Tracy uitgebreid kennis heeft
gemaakt met de Witte Herders van het Hof van Habsburg,
hoewel ze hierover nooit duidelijk is geweest. De Witte
Herders uit haar kennel zijn terug te voeren naar de eerste
Duitse Herders Horand von Grafrath en zijn nestbroertje
Luchs. Mocht het al het geval zijn dat ze aan het hof Witte
Herders heeft gezien, dan heeft ze er in ieder geval geen
enkele mee teruggenomen naar Amerika en/of gebruikt in haar
fokkerij. Inmiddels bezit ze enkele Duitse Herders waaronder
de kampioen Luchs ZS 161.964, een zoon van Munka von Boll en
Herta II von Park. In 1917 worden er in haar kennel
‘Stonihurst’ vier witte pupjes geboren uit twee gekleurde
ouders, waarvan Luchs de grootvader is. De eerst geborene is
Edmund, zijn nestbroertjes en -zusjes zijn Eadrid, Eric en
Elf. Edmund is tevens de eerste in Amerika geregistreerde
Witte Duitse Herder. Met deze honden start Ann de eerste
witte bloedlijn in Amerika. Ook op andere wijze maakt Ann
zich verdienstelijk. Op de eerste Clubmatch van de jonge
vereniging in 1915 treedt zij op als keurmeester. Haar leven
lang zal ze een zeer actief lid blijven. Ann Tracy, later
Mrs. Simon Eristoff, is de eerste persoon die erelid wordt
van de ‘German Shepherd Club of America’.
In
diezelfde periode wordt in het Noordwesten van Amerika een
tweede witte lijn gestart. De heer H.N. Hanchet importeert
drie honden die rechtstreeks afstammen van - naar men zegt -
de fameuze von Habsburg lijnen. Dat zijn Diana, Snow King
en Adda von Irmelsberg. Hanchet exporteerde vele van zijn
honden uit die lijn naar landen zoals Australië, Cuba,
Puerto Rico en Mexico waardoor de Witte Herder al snel
wereldwijd wordt verbreid.
Eerste- en tweede Wereldoorlog
Gedurende de eerste
werledoorlog, een periode dat het Duitse Herderras ten onder
had moeten gaan buiten de Duitse grenzen gezien deze
omstandigheden en de haat tegen alles wat Duits is, komen de
eerste Amerikaanse soldaten terug van het front. Zij
vertellen over een ongelooflijke hond, die door het Duitse
leger als oorlogshond wordt gebruikt, maar ook door het Rode
Kruis en inzetbaar is op ieder niveau in de oorlog. Honden
die dapper door de vuurlinies gaan om de gewonden te
lokaliseren en die de hulpverleners direct naar de gewonden
leiden. Honden die exact, zonder zich te vergissen, de
levenden van de doden kunnen onderscheiden en die met een
groot uithoudingsvermogen moeiteloos kunnen doorwerken. De
bewondering voor deze honden is enorm en de populariteit van
de Duitse Herder neemt ongekende vormen aan. Zij worden
bestempeld als helden en sindsdien heeft een ras nooit meer
zo’n grote overweldigende populariteit gekend. Er
wordt verteld over alle kleurslagen die de Duitse Herder in
die tijd eigen is, van zuiver zwart, bruin en geel,
wolfsgrauw en wit. Allemaal blijken ze dezelfde
onvermoeibare dapperheid en werklust te bezitten. Zij worden
betiteld als zijnde ‘honden met een menselijk brein’.
Iedereen wil zo’n fantastische hond en er worden duizenden
dollars neergelegd om er eentje te kunnen bemachtigen. Door
de exorbitante prijzen die voor deze honden worden gevraagd,
is het bezit van een Duitse Herder slechts weggelegd voor de
rijken.
Na de Eerste Wereldoorlog
bereikt de import van de Duitse Herder in Amerika een
ongekend hoogtepunt en de populariteit blijft stijgen. De
Duitse Herder blijkt makkelijk te trainen te zijn en is in
het bezit van een grote dienstbaarheid aan zijn baas. Dit
maakt hem bij uitstek geschikt voor de - in die tijd nog
‘stomme’ - filmindustrie, waarbij hij met groot succes wordt
ingezet. Etzel von Oeringen, een zoon van Nores von der
Kriminalpolizei en Charlotte von Oeringen schittert als
‘Strongheart’ en ook de film ‘Rin Tin Tin’ wordt een
kaskraker. Vooral het vriendelijke karakter van de films met
het hond/kind thema doet het goed in de naoorlogse jaren.
Strongheart en Rin Tin Tin hebben beide grote invloed gehad
bij de opzet van zeer goede gekleurde- en witte bloedlijnen.
Een andere heel belangrijke hond uit die zelfde periode is
Blanka von Riedekenburg, een sneeuwwitte teef en een directe
afstammeling van de von Habsburg bloedlijn. De invloed van
de von Riedekenburg bloedlijn, met name Blanka, in de
fokkerij en in het totale Amerikaanse Witte Herderbestand is
enorm geweest en deze is nog steeds te zien in het huidige
bestand.
In
1923 laat Geraldine Rockefeller Dodge een aantal Duitse
Herders importeren uit de toplijnen van het Duitse bestand.
Mevrouw Rockefeller woont op een estate van meer dan 2000
acres in Morris County (New Yersey) waar ze ruim 150 honden
kan herbergen. In haar kennel ‘Giralda Farm’ fokt ze zuiver
zwarte-, gekleurde- en zuiver witte lijnen. Haar honden zijn
van grote kwaliteit; ook hier liggen veel belangrijke
‘roots’ van ons huidige Witte Herder bestand. In 1931 nodigt
ze de Engelse schilder Ruben Ward Binks (1880-1940) uit. Hij
verblijft bijna twee jaar op het landgoed om haar honden te
schilderen. Een bekend werk van zijn hand is een goache van
10,5 x 12 ¾ inches van de twee Witte Herders Dawn en Day,
eigendom van Geraldine Rockefeller. Dit schilderij bevindt
zich tegenwoordig in het AKC museum en is een gift van de
William Secord Gallery Inc. aan dit museum. Ook kapitein Max
von Stephanitz wordt door haar uitgenodigd om de Morris and
Essex Dog Show in de USA te keuren. Van de hand van
Geraldine Rockefeller is het boek ‘The German Shepherd Dog
in America’ (1956).
Uiteindelijk komt er een kentering in de fokkerij door het
uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Er zijn weinig
gegevens bekend over de witte honden uit die jaren. Op
enkele uitzonderingen en een aantal kennelnamen van Duitse
Herder kennels na, komen de feitelijk gegevens pas weer op
gang aan het einde van de jaren vijftig. Na de Tweede Wereldoorlog breken er
zware tijden aan voor de Duitse (Witte) Herder. De fokkerij
van Duitse Herders raakt min of meer in het slop. Er zijn
verschillende gebreken in het bestand van de Duitse Herder
geslopen, waaronder de zwaar tellende vachtverbleking. In
plaats van de oorzaak van de vachtverbleking en het
verdwijnen van het zwarte zadel te onderzoeken; of het
probleem door selectie aan te pakken, besluit men een
zondebok aan te wijzen en deze te elimineren. Animositeit
inzake witte en zilvergrijze honden heeft in feite altijd al
bestaan. Von Stephanitz heeft er nooit een geheim van
gemaakt dat hij deze kleuren in feite ‘herderonwaardig’
vindt. Deze mening is altijd doorslaggevend geweest in de
fokkerij, hoewel er geen fok-, show- of trainingsverbod
bestaat. De tijd is rijp om de boosdoener aan te wijzen. In
1959 bestempelt de VS (‘Verein für Deutsche Schäferhunden’)
de witte honden als albino’s en er wordt een dringend advies
gegeven om deze honden niet meer te gebruiken voor de
fokkerij. De rasstandaard wordt gewijzigd; honden met meer
dan 50 % wit en de zogenaamde albino’s worden
gediskwalificeerd. Ondanks felle tegenstand, wordt de nieuwe
standaard ook door de GSDCA (‘German Shepherd Dog Club of
America’) aangenomen met 306 stemmen voor en 110 tegen. De
fokkers van Duitse Herders proberen te redden wat er te
redden valt. Nieuwe importen om het Amerikaanse bestand wat
op te vijzelen - uit Europa en met name uit Duitsland - zijn
het resultaat.
Canada
De
geschiedenis van de Witte Herder onlosmakelijk
verbonden met die van de Duitse Herder. Ook in
Canada is dit het geval. Als buurland van
Noord-Amerika, bestaat er sinds jaar en dag niet
alleen een uitwisseling van allerhande zaken en
culturen tussen de twee landen, ook flora en fauna
vloeien geleidelijk in elkaar over langs de 3500
mijl lange grens. Het is logisch dat die prachtige
hond uit Amerika - de Duitse Herder – vrij snel over
de grens gaat richting Canada. Dat wil niet zeggen
dat alle Duitse Herders in Canada Amerikaanse
importen zijn.
Ook Canada is
dan al in het bezit van enkele prachtige exemplaren
die regelrecht uit Duitsland zijn gekomen.
Voorbeelden daarvan zijn Ch. Vallie von Sieghaus en
Ch. Ero vd Auwallenburg. En niet te vergeten de
honden uit de beroemde Canadese ‘Thorn’ kennels. Het
is echter niet helemaal duidelijk wanneer de eerste
Duitse Herder zijn intrede in Canada doet. Pas in
1919 wordt de eerste Duitse Herder in het Canadese
stamboek ingeschreven. Omdat deze stamboekhouding
tot 1959 geen kleur vermeldt is het onmogelijk om
met zekerheid vast te stellen in welk jaar de eerste
Witte Herder is ingeschreven. In 1922 wordt de
eerste Canadese Duitse Herder vereniging opgericht
door de heer H. B Boyd. Het fokprogramma van deze
vereniging is vrijwel identiek aan dat van Amerika.
Ondanks het feit dat er vele goede Duitse Herder
Kennels in Canada zijn, dateren de betrouwbare
gegevens over de witte honden pas van een tiental
jaren na de Tweede Wereldoorlog.
Moeilijke
tijden voor de Witte Herder
Na de Tweede
Wereldoorlog breken er zware tijden aan voor de Duitse
(Witte) Herder. De fokkerij van Duitse Herders raakt min of
meer in het slop. Er zijn verschillende gebreken in het
bestand van de Duitse Herder geslopen, waaronder de zwaar
tellende vachtverbleking. In plaats van de oorzaak van de
vachtverbleking en het verdwijnen van het zwarte zadel te
onderzoeken; of het probleem door selectie aan te pakken,
besluit men een zondebok aan te wijzen en deze te
elimineren. Animositeit inzake witte en zilvergrijze honden
heeft in feite altijd al bestaan. Von Stephanitz heeft er
nooit een geheim van gemaakt dat hij deze kleuren in feite
‘herderonwaardig’ vindt. Deze mening is altijd
doorslaggevend geweest in de fokkerij, hoewel er geen fok-,
show- of trainingsverbod bestaat. De tijd is rijp om de
boosdoener aan te wijzen.
In 1959 bestempelt
de VS (‘Verein für Deutsche Schäferhunden’) de witte honden
als albino’s en er wordt een dringend advies gegeven om deze
honden niet meer te gebruiken voor de fokkerij. De
rasstandaard wordt gewijzigd; honden met meer dan 50 % wit
en de zogenaamde albino’s worden gediskwalificeerd. Ondanks
felle tegenstand, wordt de nieuwe standaard ook door de
GSDCA (‘German Shepherd Dog Club of America’) aangenomen met
306 stemmen voor en 110 tegen. De fokkers van Duitse Herders
proberen te redden wat er te redden valt. Nieuwe importen om
het Amerikaanse bestand wat op te vijzelen - uit Europa en
met name uit Duitsland - zijn het resultaat.
De
meeste vooraanstaande fokkers zijn het er over eens dat
fokken met witte honden inderdaad vachtverbleking en het
verlies van het zadelpatroon tot gevolg hebben. In de
naoorlogse jaren worden wit en gekleurd, zeker in Amerika,
regelmatig – om niet te zeggen overmatig – door elkaar
gefokt. In die jaren is zeker 90% van de Duitse Herders in
Amerika ‘behept’ met het recessieve gen wit. Op zich is dat
natuurlijk geen probleem, maar er wordt gewoon door gefokt,
zonder acht te slaan op de verbleking/verdunning van de
kleuren. Een verbleking van de vacht van de Duitse Herder
kan redelijkerwijs gesproken niet uitblijven. De witte
Duitse Herder is dan gedoemd tot uitsterven. Niet alleen
zijn vacht wordt afgekeurd, ook de gezondheid en het
karakter krijgen een veeg uit de pan door de Witte Herder op
elk vlak als inferieur te bestempelen.
Mr. D.
W. Hadsell, voorzitter van de GSDCA, vindt de witte hond een
gedegenereerd exemplaar, dat zeker het totale Duitse Herder
bestand zal aantasten, het ras zal verzwakken en de
fokkwaliteit zal bederven. Volgens hem is het duidelijk dat
het fenotype van iedere individuele witte hond – of degenen
met een verzwakt pigment – alle andere gewenste
eigenschappen teniet doen. Zij zijn het fysieke bewijs van
genetische ingrediënten die leiden tot degeneratie van de
daaropvolgende generaties. Witte exemplaren zouden
albinisme, blindheid, doofheid, een slecht temperament,
huidziektes en algehele ‘unsoundness’ veroorzaken.
Dr.
Peter Lorenz Neufield, onderzoeker en bioloog van het
Glendosa Research Center, tevens auteur van het eerste boek
over de Witte Herder (‘The invincible White Shepherd’) heeft
een tien jaar durend onderzoek naar de oorsprong en de
eigenschappen van de Witte Herder gedaan. Volgens zijn
onderzoeken acht hij het bewezen dat vachtverbleking – door
de Duitse schrijvers beschreven als degeneratie - niet
voortkomt uit het kruisen van de witte hond met de gekleurde
hond. Zelf fokt hij gedurende zijn tienjarig onderzoek Witte
Herders om de resultaten te kunnen vaststellen. Het is zijn
ervaring dat in ieder geval niet de zuiver Witte Herder met
zwarte neus, donker oog en uitstekend pigment een gevaar
oplevert voor vachtverbleking of pigmentverlies. De
fokresultaten binnen het onderzoek van het Glendosa Research
Center met witte en gekleurde honden hebben bewezen dat de
goed gepigmenteerde witte hond onmogelijk schuldig kan zijn
aan de verbleking van de vacht. Juist de crèmekleurige en de
bleekgrijze vachten liggen aan de basis van de verbleking
van de kleur en het ontbreken van pigment. Dit omdat ze
genetisch behept zijn met de alelen Grey-Agouti, die de
kleur blauw verbleekt. Ook is al lang bewezen dat blindheid
en doofheid slechts voorkomen bij daadwerkelijke albino’s en
niet bij de goed gepigmenteerde Witte Herders. Een theorie
die wordt ondersteund door Dr. Leon Whitney in zijn boek
‘How to breed dogs’

PAGE UP
Next >>
1 -
2 -
3 -
4 -
5 -
6
 |
This
website was first launched in 1998 - If you have
questions about this site or corrections, please
mail the webmaster
©
Pride webdesign 2011 -
W.R. Tilstra - Of Kimberly's Pride
-
dogpride@chello.nl |
|