White Shepherd Library
                   Witte Herder Bibliotheek

  

       
 

       DE WITTE HERDER IN WOORD EN BEELD

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een stukje geschiedenis

 

© tekst: Ruut Tilstra

 

 

 

  De eerste geruchten
 

 

Hoewel de huidige Witte Herder nauw verwant is aan - of liever gezegd een directe afstammeling is van - de Duitse Herder, is de exacte herkomst van deze witte hond onbekend. Berichten over de fokkerij van witte herdershonden voor 1900 komen uit Alsace-Lorraine. Aan het hof van de koninklijke familie uit het Huis Habsburg worden pure lijnen Witte Herders gefokt. Volgens de verhalen zijn vooral de dames van het hof zeer gecharmeerd van het uiterlijk en de kleur van deze atletische, doch gracieuze, witte honden. Temeer daar ze zo goed passen bij de schitterende zilvergrijze of crème-witte Lippizaner paarden die de koninklijke koets voorttrekken. De adellijke familie von Habsburg is in die tijd zeer invloedrijk in heel Europa en hun prachtige honden zijn fameus. Dit kan één van de redenen zijn geweest dat de Engelsen deze honden de naam White Alsation (Witte hond uit de Elzas) hebben gegeven. Enige terughoudendheid omtrent het waarheidsgehalte van deze verhalen is hier op zijn plaats. Het zijn geruchten en verwijzingen naar een fokkerij van pure Witte Herdershonden zonder een steekhoudend bewijs.

 

Daarentegen wordt er geregeld verwezen naar deze ‘von Habsburg bloedlijnen’ als het gaat om afstammelingen van de Witte Herders uit een aantal grote kennels, hetgeen het vermelden van deze verhalen de moeite waard maakt.

 

Bij latere verwijzingen naar deze bloedlijnen moeten in principe ook terughoudend gereageerd worden, gezien een gebrek aan bewijs. De eerste reële verwijzingen naar Witte Herdershonden dateren van veel vroeger. Een vertaald geschrift uit 1494 van de hand van de Italiaan Petrus de Cresentis geeft ons een idee van de eisen die in de middeleeuwen aan de herdershond wordt gesteld:

“Een schaapherder mag niet dik en zwaar zijn zoals een hofhond, maar moet minstens even sterk, moedig en snel zijn, daar hij niet alleen moet vechten en strijden maar ook hard moet kunnen lopen om de wolf na te jagen om hem de buit die hij wilde stelen af te nemen en uit de streek te verjagen. Daarom is het beter dat hij lang van lijf is dan kort en vierkant, want de langlijvige hond zal sneller zijn dan de vierkante, kort van lijf zijnde hond. Deze schaapherders moeten dan ook totaal wit van kleur zijn, zodat de herder zonder moeite zijn hond van de kudde kan onderscheiden, zowel s‘nachts als in het ochtendgloren.”

 

19e eeuw

 

Een volgende melding van een Witte Herdershond dateert uit 1882. Men kan zich voorstellen dat er in die tijd een grote verscheidenheid aan honden rondloopt. Het merendeel van de honden wordt gefokt om hun werkcapaciteiten en hun uiterlijk is van ondergeschikt belang. In die zin dat het uiterlijk slechts wordt aangepast om het doel waarvoor ze gefokt worden - het werk – te verbeteren. Kleur is dan wel van belang, maar voor een geheel ander doel dan de reden - schoonheid of rasstandaard -  die we vandaag de dag hanteren. Om een voorbeeld te noemen: erfhonden moeten zwart en ruig zijn om indringers af te schrikken. Wit wordt slechts als schutkleur gezien in de poolstreken, hoewel er melding wordt gemaakt van het feit dat men een witte hond bij de kudde zal kunnen onderscheiden van de wolf. In zijn boek ‘Der Deutsche Schäferhund im Wort und Bild’(1921) geeft Von Stephanitz  een uitleg over zijn denkwijze wat kleuren betreft. Hij spreekt dan voornamelijk over herdershonden die bij de kudde moeten werken.

 

De schaapherders moeten wit van kleur zijn (Toshya)

 

 “De vraag is of donker gekleurde, met name zwarte honden, evengoed in staat zullen zijn om de kudde te hoeden dan zij die lichter van kleur zijn of zelfs wit. Het is bekend dat zwarte honden teveel de zon aantrekken en zo meer last zullen hebben van de warmte of zelfs van een zonnesteek. De witte behoort alleen voor te komen in besneeuwde gebieden zodat de vacht als schutkleur kan dienen.”

 

 

 

 

1882 was het jaar van de tentoonstelling in Hannover. Op deze tentoonstelling worden twee Herdershonden voorgebracht, te weten; de grijs-witte reu Kirass en de zuiver witte reu Greiff. De witte herdershond Greiff wordt in 1879 geboren, het is een witte hond met staande oren en een stokharige vacht. Jammer genoeg is er niets bekend over zijn voorouders.

Diezelfde Greiff zien we terug in 1887, ditmaal in gezelschap van zijn twee witte dochters Greiffa en Russin. Hoe het deze drie honden verder vergaat is niet bekend. Verdere meldingen van fokkerijen met zuiver Witte Herders zijn er echter ook niet. Een feit is wel dat de witte Greiff de grootvader zal blijken te zijn van de allereerste Duitse Herder in het stamboek, Hektor Linksrhein, omgedoopt door zijn nieuwe eigenaar Rittmeester Von Stephanitz in ‘Horand von Grafrath’ (SZ1). De ironie van het verhaal wil dat het voor altijd de vraag zal blijven of de Witte Herder voornamelijk door dit feit tot de dag van vandaag heeft kunnen overleven. Of is dit gegeven de oorzaak dat de Witte Herder met uitroeiing in Europa is bedreigd en dat er nog steeds heftige discussies ontstaan omtrent de herkomst van het ras? Wie zal het zeggen?

 

De Duitse Herdershond

In 1891, ver voordat Hektor Linksrhein in beeld komt, wordt Phylax opgericht, de eerste Duitse Herdershonden Vereniging. De oprichters van Phylax zijn de vrienden Riechelmann-Danau en Graf von Hahn. De vereniging houdt zich bezig met het fokken van Duitse Herdershonden, voornamelijk in Noord- en Midden Duitsland. Door gebrek aan systematische leiding en interne problemen wordt deze vereniging enkele jaren later in 1894 ontbonden. Toch is deze vereniging de grondlegger van de fokkerij van Duitse Herdershonden. Ook Rittmeister  Max von Stephanitz behoort bij de groep mensen die de droom van een uniform Duits Herderras wil verwezenlijken. Jarenlang is ook hij op zoek naar die ene hond, die in zijn ogen het ideaal beeld vormt om stamvader van het ideale ras te worden. Hoewel hij de toenmalige hond – een kruising van de grovere Zuid-duitse en de fijnere, snellere Noord-duitse hond met stokhaar en staande oren - al een vrij goede werkhond vindt, ontbreekt het deze honden aan wat hij ‘Joie de vivre’ noemt.

 

In 1880 koopt Von Stephanitz een landgoed in de buurt van Grafrath om daar het ideaalbeeld van zijn hond te kunnen fokken. Zijn grote voorbeeld hierbij is de Engelse werkwijze bij  het fokken van werkhonden. Ondanks zijn grote bewondering voor de Engelse fokkerij heeft hij er ook felle kritiek op. Hij vraagt zich af of de Engelsen met hun zakelijke instelling de ziel van een echte Herdershond wel kunnen begrijpen en hij ergert zich aan het - in zijn ogen - buitenissige uiterlijk van bepaalde Engelse rassen, zoals bijvoorbeeld dat van de Engelse Bulldog. De kentering in zijn fokkerij komt in 1899, met de komst van Hektor Linksrhein.

 

 Hektor Linksrhein

 

Hektor Linksrhein wordt op 1 januari 1895 geboren. Hij is gefokt door Herr Sparwasser en komt uit hetzelfde nest als Luchs SZ 155. Zijn ouders zijn Kastor SZ 153 en Lene Sparwasser SZ 156. Lene is een dochter van Lotte en de witte reu Greiff. Over de ouders van Lotte is niets bekend, noch over de afstamming van Greiff. In 1899 koopt Von Stephanitz Hektor en geeft hem de naam Horand von Grafrath. Met spijt bekent hij dat het erg jammer is dat deze honden - hij spreekt dan van Hektor en zijn nestbroertje Luchs – niet uit zijn kennel zijn voortgekomen. Wel vindt hij dat dit feit het hem gemakkelijker maakt om - op een bijna lyrische wijze - de kwaliteiten van deze hond te kunnen verwoorden. In zijn ogen vertegenwoordigt Horand alles wat men kan wensen bij een hond en zelfs voor fokkers die slechts op uiterlijk fokken is hij de ongekroonde koning. De hond is met een schofthoogte van  60 cm een perfecte middelmaat voor die tijd, hij heeft krachtig bone en een ideale belijning. Hij heeft een nobel hoofd met staande oren, en is droog en edel van bouw. Zijn karakter is al even perfect als zijn uiterlijk, trouw aan zijn baas en met een grote dienstbaarheid straalt hij levenslust uit. Samen met zijn nestbroer Luchs is Horand het lot, of liever gezegd ‘de leidende ster’, van de Duitse Herdershond, aldus Von Stephanitz. Zo wordt Horand de stamvader van de huidige Duitse Herders. Enkele weken na de aankoop van Horand sticht Von Stephanitz samen met Arthur Meyer de ‘Verein für Deutsche Schäferhunden’ en Horand wordt als eerste ingeschreven in het stamboek, SZ 1. Op de ledenvergadering in september 1899 worden de raskenmerken voor de Duitse Herdershond aangenomen.

 

 

 

 

PAGE UP

Next >> 1 2 - 3 - 4 - 5  - 6   

 

 

This website was first launched in 1998 - If you have questions about this site or corrections, please mail the webmaster

©  Pride webdesign 2011  -  W.R. Tilstra  -  Of Kimberly's Pride  -  dogpride@chello.nl

 

Highlights

 

 

"The Case Against The White German Shepherd Dog" by Lloyd C Brackett
(Engels) Lees verder

 
 ►  "Why Don't We Like the White German Shepherd Dog?" By Ellen Mattingly, Ph.D. (Engels)  Lees verder
 
 ►  "Why We Do Like the White German Shepherd" By Peter Lorenz Neufeld, Ph. D.

(Engels)  Lees verder

 
   Quotes taken from article printed  in the June 1960 GSDCA Review. By Maureen Yentzen (Engels)  Lees verder
 
 White German Shepherd. By Gail Finkeldei. (Engels)  Lees verder
 
 The Genetics of coat color.
©
Michael Handley. (Engels)  Lees verder