|
U bevindt zich hier >> Tips van de
dierenarts |
|
Tips van de dierenarts:
Steven Schukking
Frans Smeur
Erica Kiemeneij
Robert Jassies
|
 |
Op
dit moment bestaat er veel onduidelijkheid over de nieuwe teek die
zich in Nederland zou ophouden. Het gaat hierbij om een teek, de
Dermacentor reticulatus, die normaal gesproken niet in Nederland
voorkomt. De teek is in Frankrijk maar ook in België inheems,
vandaar dat het belangrijk is de juiste maatregelen te nemen tegen
de teek op het moment u daar op vakantie gaat.
De teek kan namelijk een ziekte
overdragen die dodelijk kan zijn voor de hond. Het gaat hierbij om
de ziekte Babesiosis.
Babesiosis is een ziekte
veroorzaakt door een bloedparasiet die zich nestelt in de rode
bloedcellen en zorgt voor een versnelde afbraak van deze rode
bloedcellen. De ziekteverschijnselen die waarneembaar zijn, is
wijnrode urine, sloom, bleke slijmvliezen en conditie verlies. Zaak
is dan om direct naar een dierenarts te gaan en de ziekte te laten
behandelen met Imidocarb.
Recentelijk zijn er 13
ziektegevallen in Nederland geconstateerd waarvan 3 honden het
helaas niet hebben overleefd. Met grote waarschijnlijkheid komt de
teek voor in Nederland en wel in een gebied rond Den Haag en een
gebied bij Arnhem, De Rijkerswoerdse plassen. Of de teek ook
blijvend in Nederland wordt is nog de vraag. Hopelijk hebben we te
maken met een tijdelijk probleem. Katten lopen overigens geen
risico.
Het is wel zaak om aan goede
tekenbestrijding te doen. Sowieso raden wij een tekenband of
pipetten in de nek aan. Er bestaat ook een mogelijkheid om de hond
te laten enten. De enting is echter zeer kostbaar en geeft voor 85%
bescherming. Dus let wel op: geen enkel middel is 100% afdoende,
tweemaal daags controleren op teken en ze verwijderen blijft nog
steeds noodzakelijk.
Een seizoen
gebonden ergernis:
Zodra de
temperatuur in ons kikkerlandje ook maar weer iets begint te
stijgen is het direct weer raak.
TEKEN!!
Iedereen die regelmatig met zijn
hond in het bos loopt, heeft er wel een één gezien en inmiddels
is duidelijk dat ze lang niet zo onschuldig zijn als we lange
tijd hebben gedacht. Behalve vervelende ontstekingen op de
bijtplaats, vaak ook nog gevolgd door een nare likplek door de
hond zelf, zijn er inmiddels een flink aantal ziekten bekend die
door de teek op zijn “gastheer” worden overgebracht. Alle reden
dus om in dit geval maar eens niet “gastvrij” te zijn. Of
natuurlijk juist wel (vrij-van-gasten).
Om een korte indruk te geven van
de mogelijke problemen volgt eerst een korte beschrijving van
teken en ziekten. Daarna zullen we ingaan op therapieën en
preventie.
De bekendste ziekte op dit moment
is de Ziekte van Lyme. Hoewel er de nodige discussie is over het
al dan niet voorkomen van deze ziekte bij honden, is het onze
ervaring dat er toch regelmatig honden worden aangeboden met
typische neurologische (zenuw-) en gewrichtsklachten. Bij
bloedonderzoek blijkt dan dat zij in aanraking zijn geweest met
de Borrelia bacterie – de verwekker van de Ziekte van Lyme bij
mensen.
De Borrelia bacterie zit in
Nederland in het speeksel van ongeveer 20% van de teken. Echter
zij zullen uw hond lang niet altijd besmetten. Er is gebleken
dat ze hiervoor toch minstens 17 uur op de hond moeten zitten
(dagelijks controleren en verwijderen is dus zeer zinvol).
De typische roodverkleuring rond
de beetplaats, zoals deze gezien wordt bij mense, wordt bij een
hond zelden of nooit gezien. We weten niet of deze niet voorkomt
of niet gezien wordt omdat de vacht hem bedekt.
Bij honden die periodiek last
hebben van koorts en kreupelheid waarvoor geen duidelijke
verklaring is moet altijd aan Lyme gedacht worden. Een therapie
van twee weken met Amoxycilline of Doxycycline is in de acute
fase afdoende. In de chronische fase kan het resultaat
teleurstellend zijn.
Andere door teken overgedragen
ziekten zijn wat meer bijzonder. Het gaat dan om Babesiosis en
Ehrlichiose. Beide ziekten komen in Nederland niet voor, maar
worden meegebracht uit zuidelijke vakantiegebieden. Daar de tijd
tussen besmetting en het ziek worden (de incubatietijd) wel twee
weken kan zijn, worden de eerste ziekte verschijnselen vaak pas
thuis gezien.
Bij Babesiosis maakt de kiem die
zich vermeerdert in de rode bloedcellen deze cellen kapot,
hetgeen leidt tot ernstige bloedarmoede. De eerste
verschijnselen zijn vaak, lusteloosheid en koorts, gevolgd door
bloedplassen (“wijn”rode urine) en bloedarmoede. Wanneer niet
tijdig wordt ingegrepen kunnen nierfalen, longontsteking,
alvleesklierontsteking en hersenproblemen ontstaan.
Meestal worden de verschijnselen
echter op tijd onderkend en dan is een behandeling met Imidocard
vaak afdoende en de prognose prima. Ook is het mogelijk om voor
de vakantie tegen Babesiosis te laten inenten. Deze inenting
geeft echter beslist geen volledige bescherming. Een éénmalige
injectie met Imidocarb voor vertrek is ook maar matig effectief
en kan bovendien behoorlijke ziekteverschijnselen veroorzaken.
Bij Ehrlichiose is het
ziekteverloop iets anders. Ook hier wordt in de eerste acute
fase koorts, slecht eten en benauwdheid gezien. Daarnaast kunnen
problemen ontstaan met bloedstolling waardoor gemakkelijk
kleinere en grotere bloedingen ontstaan. Deze verschijnselen
zijn nog niet altijd zo duidelijk als de Babesiosis, waardoor
hier later ook een chronische fase kan ontstaan met bloedingen,
afwijkingen, gewrichtsontstekingen en nierfalen. Deze chronische
fase verloopt vaak fataal.
In het acute stadium volstaat een
behandeling met injecties met Imidocarb in combinatie met
Doxycycline, eventueel gedurende enkele weken ondersteund met
een ontstekingsremmer. Dit kan ervoor zorgen dat uw hond weer
“de oude” wordt.
Al met al dus reden genoeg om
minder gastvrij te zijn voor teken. De beste methode om door
teken overdraagbare ziekten te voorkomen is natuurlijk teken
ontlopen. Teken zitten bij voorkeur in struikgewas, nesten en
holen van wilde dieren. Op gemaaid grasland of begraasd grasland
zitten doorgaans veel minder teken dan in het bos. En als de
hond niet meegaat op vakantie is er natuurlijk geen kans op
Babesiosis of Ehrlichiose.
Dit zijn oplossingen die niet
altijd praktisch zijn. Er zijn gelukkig diverse
bestrijdingsmiddelen op de markt. De Scalibor tekenband is op
dit moment het nieuwste. Deze heeft als voordeel dat hij ook
beschermt tegen zandvlieg die in het zuiden de ziekte Leishmania
kan veroorzaken. Verder is natuurlijk de oude vertrouwde
Frontline spray heel geschikt. Spray dan wel vlak voor uw
vakantie. Als derde oplossing is er de combinatie van Advance
druppels met Kiltix tekenband.
Let echter wel op: geen enkel
middel is 100% afdoende, dus tweemaal daags controleren op teken
en ze verwijderen blijft noodzakelijk. Denk er daarbij om dat de
teken niet verdoofd moeten worden voor het verwijderen,
ze kunnen dan alsnog speeksel inbrengen in de wond en dat willen
we juist liever niet. Na het verwijderen moet u het wondje wel
even ontsmetten en bij twijfel altijd even uw dierenarts
raadplegen.

Maagtorsie
De maag is een zakvormig orgaan
dat zich net achter het middenrif voorin de buik bevindt. Deze
functioneert als opvangcentrum van doorgeslikt voedsel, vocht en
lucht. Door maagsap en bewegingen van de maagwand maakt ze
onderdeel uit van de spijsvertering en de inhoud wordt via de
twaalfvingerige darm naar de darm getransporteerd.
Indien er sprake is van
een overmatige aanmaak van gas in de maag in combinatie met het
doorslikken van lucht kan de maag plotseling erg gaan uitzetten
(dilateren). Als gevolg daarvan verandert het zwaartepunt van de
maag en kan deze eveneens om zijn lengte-as torderen. Hierdoor
worden zowel de ingang als de uitgang van de maag dichtgedrukt.
Omdat de gasvorming doorzet, verandert de maag in korte tijd van
een slappe zak in een keiharde opgepompte voetbal. Een
noodsituatie!!

Gedilateerde maag bij een
hond in zijligging
Gevolgen
Door de
enorme spanning die op de maagwand wordt uitgeoefend zullen de
bloedvaten dichtgedrukt worden. Hierdoor kan een gedeelte van de
maagwand afsterven en de inhoud, die gifstoffen bevat, in het
lichaam vrijkomen. Tevens wordt, door de grootte van de maag,
druk uitgeoefend op het middenrif, waardoor de ademhaling
bemoeilijkt wordt. Hierdoor wordt de zuurstofvoorziening van het
bloed behoorlijk in de problemen gebracht. Tevens worden een
aantal grote bloedvaten die naar het hart lopen (gedeeltelijk)
dichtgedrukt. Hierdoor zal de bloeddruk ernstig gaan dalen en
kan de hond in shock raken. Indien er tevens sprake is van een
maagdraaiing (torsie) zal ook de milt meedraaien, aangezien deze
aan de maag vastzit. Dit kan gepaard gaan met afknellen van de
milt of een miltbloeding.
Wie?
Voornamelijk grote honden met
een diepe borstkas zijn gevoelig voor een maagtorsie. Met name
de Duitse Dog, Berner Sennen, Doberman, Boxer, Retriever en de
Duitse Herder, maar ook bij
minder grote honden zoals de Bearded Collie, zien we een
maagtorsie optreden. Daarnaast hebben oudere honden een grotere
kans op een maagtorsie en wanneer een hond eenmaal een
maagdilatatie gehad heeft, is de kans op herhaling duidelijk
vergroot. Tevens lijken honden die erg gulzig eten of veel
bewegen na het eten een groter risico te lopen.

Getordeerde maag bij een hond in rugligging
Foto bron:Radiographic
interpretation for the small animal clasician. Auteur: Jerry M.
Owens, D.V.M
Voeding
Honden die regelmatig gras eten,
lucht opboeren, winden laten en buikrommelen lijken een
verhoogde kans op maagdilatatie te hebben. Het vermoeden bestaat
dat deze honden meer maagzuur dan gemiddeld aanmaken, waardoor
een irritatie van de maagwand optreedt. Ook zullen honden door
maagpijn meer lucht gaan slikken en aanzuigen. Belangrijk is
dat deze honden 4x daags te eten krijgen. Vezelrijk voer
(groente, brood) is aan te raden naast het normale hondenvoer.
Eventueel kan homeopathisch de gasvorming worden
teruggedrongen.
Homeopathische
behandeling
Honden die veel last hebben van
gasvorming in het maagdarmkanaal lijken een grotere kans op het
ontstaan van maagkantelingen te hebben. Ook lucht slikken blijkt
van invloed te kunnen zijn. Om dit aanzuigen van lucht en
gasvorming in het maagdarmkanaal tegen te gaan kan worden
gebruikgemaakt van het middel Carbo Vegetabilis D6. Dit
homeopatische middel kan worden gebruikt bij honden die een
verhoogd risico hebben op gasvorming, maar ook bij honden die
reeds geopereerd zijn en desondanks toch nog regelmatig
maagzwelling (dilatatie) vertonen.
Hoe herken ik het?
Meestal ontstaan de problemen
vlak na de maaltijd (maar soms ook uren later). De hond wordt
erg onrustig en lijkt te moeten braken. Meestal is dit ‘loos’
braken, dat wil zeggen er komt niets. De buik linksachter de
ribboog is vaak hard en opgezwollen.
Wat te doen?
Een groter spoedgeval is haast
niet denkbaar, dus u dient zo snel mogelijk naar een dierenarts
te gaan. Deze zal proberen de maag te sonderen met een slang.
Soms is het eerst nodig om gas uit de maag te laten ontsnappen
via een naald. Indien de maag gedraaid is, zal deze operatief
teruggedraaid moeten worden. Daarbij wordt deze aan de buikwand
vastgezet om recidive (= herhaling) te voorkomen. Tevens zal
met infuus en medicatie de shock worden bestreden.
Prognose
Deze is erg afhankelijk van de
complicaties (shock, hartschade) en de tijd die verstreken is
voordat een hond geholpen wordt. Zo’n 50% van de honden met een
torsie zal de ingreep en de eerste dagen daarna zonder andere
problemen doorstaan. Wel blijft het dan zaak om preventief een
aantal zaken goed in de gaten te houden.
Preventie
Geef meer porties verspreid over
de dag (3 à 4 keer) in plaats van 1 keer. Tevens is het aan te
raden om dit voer niet te licht verteerbaar te maken, maar door
toevoeging van groente en brood juist wat vezelrijker. Zorg
tevens dat de hond vlak na het eten geen grote hoeveelheden
water kan drinken. Laat de hond 30-60 minuten na de maaltijd
rusten en ga niet met hem wandelen. Ook indien de maag operatief
vastgezet is, blijft er altijd een kleine kans aanwezig dat een
dilatatie opnieuw optreedt. Al met al een ziekte waar een leven
lang rekening mee gehouden moet worden.
Vakantie

Steeds meer mensen nemen hun hond
als lid van het gezin mee op vakantie naar het buitenland. Dit
kan heel gezellig zijn, echter er zijn wel een aantal dingen
waarbij stilgestaan moet worden. Tevens moet het één en ander
van te voren geregeld worden.
Ten eerste zijn daar natuurlijk
de (verplichte) entingen. Daarnaast zijn er ook een aantal
ziektes die in Nederland niet voorkomen, maar in het buitenland
wel en waar bepaalde voorzorgsmaatregelen tegen getroffen moeten
worden. In dit artikel willen we u daarvan een kort overzicht
geven samen met wat nuttige tips.
Entingen
Allereerst bent u verplicht te
zorgen voor een geldige enting tegen hondsdolheid. In het
algemeen betekent dit dat de hond minimaal 30 dagen voor vertrek
geënt moet zijn en niet langer dan een jaar geleden. Voor
Engeland en Scandinavië geldt daarbij dat ook nog eens een
bloedonderzoek gedaan moet worden na de rabiësenting om te zien
of er voldoende antistoffen aangemaakt zijn, zodat met de
voorbereidingen hiervoor ten minste een halfjaar van te voren (7
mnd) begonnen moet worden. Is dit eenmaal in orde dan kan daarna
volstaan worden met het jaarlijks herhalen van de rabiësenting.
Daarnaast is het verstandig en soms ook verplicht om te zorgen
dat ook de andere entingen zoals Hondeziekte, Parvo en Weil op
orde zijn. Meestal is ook een geldige gezondheidsverklaring
nodig die afhankelijk van het land waarheen (of doorheen)
gereisd wordt, niet ouder dan een bepaalde tijd mag zijn. Ook
moet er soms een invoervergunning aangevraagd worden. Informeer
dus tijdig bij uw dierenarts.
Ziekten
In het buitenland komen een
aantal ziekten voor die door teken en stekende insekten worden
overgebracht. Naast de ziekte van Lyme die ook in Nederland
voorkomt, gaat het vooral om Babesiose, Leishmania en
Heartwormdisease. Babesiose is een ziekte die overgebracht wordt
door bepaalde teken die in warme gebieden leven zoals Zuid- en
Midden-Europa. Deze parasiet vernielt de rode bloedlichaampjes,
waarbij de hond plotseling ziek wordt met hoge koorts en
donkerrode portkleurige urine. Bij een snelle behandeling door
de plaatselijke dierenarts is de genezingskans goed.Om deze
ziekte te voorkómen is het dus van belang uw hond zoveel
mogelijk tekenvrij te houden d.m.v. een speciale tekenband en/of
spray, naast een dagelijkse controle van huid en vacht. Een
enting is (in het buitenland) mogelijk, maar geeft geen afdoende
bescherming. Het is gebleken dat de 'preventieve' injectie,
zoals vroeger wel werd gegeven, niet effectief is en daarnaast
is deze niet meer verkrijgbaar voor dit doeleinde.
Leishmaniase wordt overgebracht
door zeer kleine zandvliegjes die met name actief zijn rond
zonsopgang en ‑ondergang. Ze komen voor in alle landen rond de
Middelandse Zee en Portugal. De klachten na besmetting treden
pas lange tijd na de vakantie op en bestaan in het algemeen uit
huidproblemen, lusteloosheid en conditieverlies. Behandeling is
levenslang en vaak teleurstellend. De Scalibor antitekenband is
ook werkzaam tegen deze vliegjes, maar beter is het om besmette
gebieden te vermijden.
Heartwormdisease is een van
oorsprong tropische aandoening die tegenwoordig echter ook in
Spanje en Portugal voorkomt en wordt overgebracht door stekende
insekten. Zoals het woord al zegt, leidt een besmetting met
larven tot ontwikkeling van wormen die in het hart nestelen, met
alle (dodelijke) gevolgen van dien. Voorbehoedend is er op dit
moment in Nederland één middel te verkrijgen en wel Stronghold.
De werkzame stof die in de bloedbaan wordt opgenomen zorgt
ervoor dat larven zich niet kunnen ontwikkelen. Met dit middel
moet voor de vakantie begonnen worden tot zeker een maand na
terugkeer.
Dan zijn er nog wat algemene
adviezen die we u willen meegeven. Ten eerste is het handig om
een E.H.B.O.-tasje mee te nemen voor onverwachte ongemakken.
Naast een ontsmettingsmiddel, wat verbandgaas en Leukoplast
adviseren wij de volgende inhoud:
-
Traumavetsem
voor kneuzingen, verstuikingen,
bloeduitstortingen etc.
-
Prodier
wondgel
-
Optilan bij
oogontstekingen
-
Finidiar
tabletten bij diarree
-
Apis bij
reactie op insektensteken en eventueel Prikweg van VSM
-
Tekenpincet (altijd draaiend een teek verwijderen).
Iets anders waarmee u terdege
rekening moet houden is het feit dat honden niet kunnen zweten
en dus snel oververhit raken. Laat nooit uw hond achter in de
auto, ook niet in de schaduw en met open ramen! De temperatuur
in de auto kan ook dan namelijk oplopen tot 50o C en
dat kan snel fataal zijn. Zorg ook bijvoorbeeld aan het strand
dat de hond regelmatig kan afkoelen en geef voldoende water te
drinken.
Naast langharige en
lichtgekleurde honden zijn met name (te) dikke honden
overgevoelig voor oververhitting. Als uw hond verschijnselen van
oververhitting vertoont (extreem hijgen, temperatuur ruimschoots
boven de 40o C, sloom worden en flauwvallen), dan
dient u de hond zo snel mogelijk te koelen met koude natte
doeken, eventueel de hond besprenkelen met koud water. Niet
ineens de brandslang erop zetten of de hond in het water gooien.
De temperatuur moet weer voorzichtig zakken. Ga vervolgens zo
snel mogelijk naar een dierenarts.
Ons advies is ook om zoveel
mogelijk het eigen hondenvoer mee te nemen, bij voorkeur brokken
in verband met de houdbaarheid. In het buitenland zijn niet alle
merken voer te verkrijgen en plotseling overschakelen op een
ander soort kan maagdarmproblemen in de hand werken.
Gaat u met de hond naar Frankrijk
op vakantie, dan is het verplicht dat de hond een chip heeft of
getatoeëerd is. Bovendien moet er door de dierenarts een
gezondheidsverklaring zijn afgegeven en deze mag niet ouder zijn
dan 5 dagen. Voorkom problemen en overleg hierover met uw
dierenarts.
Prettige vakantie en als er nog
vragen zijn kunt u ons of uw eigen dierenarts gerust bellen.
Loopsheidpreventie
De vraag die ons
regelmatig vanuit diverse hoeken gesteld wordt is “of het
mogelijk is om de loopsheid tijdens de vakantie te voorkomen”.
Of uw hond nu in
pension gaat of mee op vakantie, een loopsheid is dan altijd erg
lastig.
Deze loopsheid is
inderdaad te voorkomen. Echter geen enkele methode met
medicijnen is 100% betrouwbaar.
In de eerste
plaats is de zgn. ‘prikpil’ een optie. Deze injectie dient één
maand voor de vakantie gegeven te worden en geeft dan een
uitstel van ongeveer drie maanden. De injectie kan ook gegeven
worden als de loopsheid net begonnen is. Bij 95% van de honden
zullen dan de loopsheidverschijnselen binnen enkele dagen
verdwijnen. Let echter wel op, de hond kan nog zeker een week
lang vruchtbaar blijven ondanks afwezigheid van de
loopsheidverschijnselen.
Er mag niet meer
gespoten worden als de hond al flink in haar loopsheid is
gevorderd.
De stof die voor
deze injectie gebruikt wordt, is een zgn. progestageen (een
hormoon) en heeft, zeker bij langdurig gebruik maar soms ook al
na één keer, vervelende bijwerkingen. Bij regelmatig gebruik
zijn het ontstaan van melkklierkanker en suikerziekte zeker een
risico, daarnaast kunnen fokhonden gedurende langere tijd niet
meer loops worden. Het gebruik moet dan ook ten strengste
ontraden worden.
Een tweede optie
is het gebruik van de ‘poezenpil’ bij honden. Deze pil bevat ook
progestagenen en is bekend onder de naam Ovucon en Perlutex (5
mg). Voor uitstel van de loopsheid kan vier dagen voor de
vakantie gedurende 14 dagen 1 x daags 1 tablet gegeven worden.
Dit resulteert in een uitstel van ongeveer één maand.
Is de hond net
begonnen met de loopsheid, dan kan de eerste 4 dagen 1 x daags 2
tabletten worden gegeven. Let wel, ook hier is het risico op
bovenstaande bijwerkingen aanwezig maar in ieder geval een stuk
minder.
Wat betreft een
homeopathische oplossing kunnen wij kort zijn: er is geen
betrouwbare homeopathische methode om loopsheid uit te stellen.
Loopsheid is immers een natuurlijk proces en laat zich als
zodanig niet homeopathisch remmen.
Tot slot:
herhaalt het probleem van de loopsheid tijdens vakantie zich
steeds weer, dan kan veel beter gekozen worden voor een
sterilisatie (castratie) van de teef. Dit is uit
gezondheidsoogpunt altijd te prefereren boven de andere genoemde
opties.
Slakkenkorrels
Natuurlijk afbreekbaar en
onaantrekkelijk voor honden en katten;
MAAR TOCH LEVENSGEVAARLIJK!

Gisteravond laat werk ik
geconfronteerd met een hond die plots zeer vreemde
verschijnselen vertoonde. De klachten waren eerder op de avond
begonnen met erge onrustigheid en staan en lopen met een kromme
rug. In de loop van de avond werd de onrust erger in plaats van
minder. Toen de hond op de praktijk binnenkwam was hij sterk
verslechterd en ik schrok dan ook erg van wat ik aantrof. De
hond kon nauwelijks op de benen staan, had duidelijk ernstige
trillingen over het hele lijf en was vreselijk aan het
speekselen. Dat alle verschijnselen wezen in de richting van een
vergiftiging was al snel duidelijk en dat voor de hond een
snelle intensieve zorg noodzakelijk was ook. De eigenaar gaf
zelf al aan dat ze slakken-korrels gebruikt had, maar dit zou de
hond niet hebben gegeten. Na overleg met de intensive-care-unit
in Utrecht werd al snel duidelijk dat het hier wel degelijk ging
om een vergiftiging met slakkengif en dat deze patiënt bepaald
niet de eerste was. Er waren in utrecht de afgelopen weken al 16
patiënten aangeboden met een dergelijke vergiftiging. Daarom
deze waarschuwing; De werkzame stof is metaldehyde en de korrels
zouden door toevoegingen onaantrekkelijk zijn voor honden en
katten. Welnu, dat laatste blijkt dus nog al eens tegen te
vallen, en de gevolgen kunnen desastreus zijn. Houdt uw huisdier
dus verre van deze middelen.
Deze patiënt heeft het gelukkig,
dankzij de goede zorg van de artsen van de intensive-care
afdeling in Utrecht, overleefd. Dit geldt helaas niet voor alle
gevallen.
Gescheurde kruisbanden
Het scheuren van de voorste
kruisband komen we zowel bij kleine als bij grote hondenrassen
tegen. Bij de kleine hondenrassen zien we het vaak op oudere
leeftijd gebeuren. Bij de grotere hondenrassen juist als ze jong
en onstuimig zijn. Bij sommige rassen: Boxer, Rottweiler, Berner
Sennenhond en Retrievers, zien we de voorste kruisbandscheuring
vaker optreden dan bij andere rassen. Bij sommige van deze
rassen wordt dan ook wel aan een erfelijke basis gedacht. Voor
wat betreft de Boxer wordt ook niet voor niets gesproken over de
'Boxerknie'.
Ook bij kleinere rassen als de
Entlebucher, Yorkshire terriër en Poedel zien we de
kruisbandscheuring optreden. Bij deze twee laatste rassen meer
op latere leeftijd. Een degeneratie (= slijtage) van de
kruisband zou hieraan ten grondslag liggen.
Oorzaak
Een kruisbandscheuring kan acuut
optreden. Bij een onverwachte heftige beweging, bijvoorbeeld
bij het spelen met andere honden of bij een onverwachte
rembeweging achter een stok of een bal aan, kan de kruisband
ineens totaal scheuren. De hond loopt van het ene op het andere
moment mank en belast de poot amper. Meestal tipt hij de grond
nog aan met zijn tenen. Pijnstillers en rust zullen wel iets
verbetering geven maar de hond blijft ernstig mank lopen.
Dit laatste
geldt niet voor een gedeeltelijke kruisbandscheuring. De hond
verdraait zijn knie, ook wederom bij een gekke beweging, maar
loopt minder mank dan bij een totale kruisbandscheuring.
Pijnstillers en ontstekingsremmers bieden vaak uitkomst en na
een kuur met deze middelen en aangepaste beweging kan de hond
weer helemaal goed lijken. Toch zullen deze gedeeltelijke
kruisbandscheuringen vaak leiden tot een totale scheuring, al
kunnen hier soms verscheidene maanden tot jaren overheen gaan.
Wel is het zo dat bij deze honden al een behoorlijke
artrose-ontwikkeling plaatsvindt die bij een latere operatie de
genezing behoorlijk kan vertragen.
Diagnose
Om vast te stellen of een
kruisband totaal gescheurd is, zal er een (klinisch) onderzoek
aan de hond moeten plaatsvinden. Bij dit onderzoek wordt
getracht het zogenaamde 'schuifladefenomeen' op te wekken.
Hierbij wordt getracht het onderbeen ten opzichte van het
bovenbeen te verschuiven, hetgeen bij een intacte kruisband
niet mogelijk is. Soms moet dit onderzoek onder sedatie
plaatsvinden. Het vaststellen (= diagnostiseren) van een
gedeeltelijke kruisbandscheuring is vaak in de praktijk niet
mogelijk. De knie is wat verdikt en pijnlijk, maar een echt
schuifladefenomeen is niet op te wekken. In sommige gevallen kan
een herstel optreden, maar meestal is in latere instantie, als
de hond een steeds terugkerende mankheid overhoudt, een
(kijk)operatie de enige oplossing om de diagnose te stellen. Bij
deze operatie wordt dan direct de stabiliteit hersteld.
Röntgenfoto’s kunnen worden
gemaakt om de mate van artrose vast te stellen (extra
botvorming rondom het gewricht dat optreedt 3 tot 6 weken na
het ontstaan van de (gedeeltelijke) scheuring). Een echte
diagnose is door middel van een röntgenfoto meestal niet te
stellen.
Rasgebondenheid
Veel rassen zijn gevoelig voor
een kruisbandscheuring. Grote en zware rassen (Berner Sennenhond/Rottweiler/Herder),
atletische onstuimige honden (Entlebucher/Boxer) en honden met
een steile stand van de achterpoten (Berner Sennenhond/Rottweiler/Boxer
en Zwitserse Sennenhond) blijken vaker een kruisband te scheuren
dan andere rassen. Toch kan iedere hond bij een onverwachte
beweging zijn kruisband scheuren. Ook oudere honden en kleinere
rashonden lopen meer risico. De Poedel, Yorkshire terriër en het
Maltheser Leeuwtje zijn daar goede voorbeelden van.
Therapie
Bij een gedeeltelijke
kruisbandscheuring kan met pijnstillers en ontstekingsremmers
worden getracht de hond weer in de benen te krijgen. Meestal
loopt deze dan ook weer goed na zo’n kuur. Toch zal in veel
gevallen een gedeeltelijke kruisbandscheuring ook leiden tot een
totale scheuring, waarna een operatie altijd noodzakelijk is.
Hoe langer wordt gewacht met een
operatie, des te ernstiger wordt de artrose van het gewricht en
deze vertraagt vaak de revalidatie van de hond na een operatie.
Ook het risico van scheurtjes in de meniscus wordt groter
naarmate een (gedeeltelijke) kruisbandruptuur langer bestaat.
Door een (gedeeltelijke) ruptuur van de kruisband ontstaat meer
ruimte en beweeglijkheid in het kniegewricht, waardoor tijdens
het lopen gemakkelijk scheurtjes in de meniscus ontstaan.
Tijdens een operatie zal deze meniscus dan ook gedeeltelijk
verwijderd moeten worden.
De operatie bij de grotere hond
bestaat bij ons op de kliniek uit het plaatsen van een nieuwe,
lichaamseigen band (afkomstig uit een peesplaat) die buiten het
gewricht om wordt geplaatst, ook wel methode FLO genaamd. Bij
kleinere honden (< 10 kg) voldoet een zogenaamde kapselhechting
uitstekend. Hierbij wordt het kapsel zeer strak gehecht
waardoor de stabiliteit van het kniegewricht hersteld wordt.
Post operatief (na de
operatie)
Na een operatie zullen honden
moeten revalideren. De eerste zes weken zal de patiënt minimaal
mogen bewegen en aangelijnd moeten worden uitgelaten. Wij als
dierenartsen zullen altijd een bewegingsschema meegeven. Na zes
weken mag de hond weer meer gaan doen. De snelheid van
revalidatie hangt af van een aantal factoren. De leeftijd van de
hond; bij een oudere hond verloopt de revalidatie vaak traag.
Ook de hoeveelheid artrose aanwezig op het moment van operatie
is bepalend voor een snel of traag verlopend herstel. Hoe langer
er wordt gewacht met een operatie van een (gedeeltelijke)
kruisbandscheuring des te meer artrose zal ontstaan en des te
langer zal de revalidatie duren. Ook het gewicht van de hond is
belangrijk; lichte honden revalideren beter dan (te) zware
honden. Ook na een geslaagde kruisbandoperatie ontstaat bij 20%
van de honden alsnog een scheuring van de meniscus. Het zal voor
zich spreken dat een tweede noodzakelijke operatie het herstel
van deze honden vertraagt. Normaal gesproken heeft een
kruisbandoperatie een grote kans van slagen. De honden kunnen
meestal na 8 tot 12 weken weer goed functioneren. Wel zal altijd
een lichte startstijfheid blijven bestaan. Dit als gevolg van de
artrose (die altijd ontstaat ook na een vroegtijdige operatie)
en de littekenvorming in en rondom het gewricht. De eventuele
artroseklachten kunnen prima met homeopatische middelen
behandeld worden. Eenmaal aan één poot geopereerd is de kans
groot (> 50%) dat ook de andere kruisband zal scheuren. Dit kan
soms zelfs na jaren nog gebeuren.
Risico/preventie
Grotere en onstuimige rassen
lopen meer risico’s. Het is dan ook aan te raden om zeker het
eerste levensjaar niet al te veel met stokken en ballen te
spelen. De banden, spieren, pezen en kapsels moeten hun sterkte
nog krijgen en worden zo niet onnodig belast. Ook het spelen met
andere honden brengt grotere risico’s met zich mee. Het eerste
levensjaar is bepalend voor verscheidene gewrichten (heupen,
ellebogen, knieën) voor het functioneren in de rest van een
hondenleven. Het spelen met stokken en ballen en anderen honden
moet zoveel mogelijk voorkomen worden, maar goede rechtlijnige
beweging is van levensbelang. Een schema van 5 minuten per keer
per maand leeftijd is een goede richtlijn. Dit kan 4 à 5 keer
per dag worden gedaan. Voor een hond met een leeftijd van drie
maanden betekent dat dan dat deze 15 minuten aaneengesloten mag
lopen, maar dat wel 5x per dag.
Ook het gewicht van de hond heeft
invloed op het ontstaan van een kruisbandscheuring. Te zware
honden lopen meer risico. Een schrale hond (met lichte druk de
ribben voelen) is zeker in de groei ook aan te raden. Daarnaast
verloopt het herstel van een operatie van een te zware hond vaak
trager.
Uit het verhaal blijkt dat bij
bepaalde bewegingen sneller kruisbandscheuringen ontstaan. Toch
ben ik niet van mening dat een hond dan maar als een 'kistkalf'
moet worden opgevoed. Op ieder onverwacht moment kan een hond
z'n kruisband scheuren, voorkomen lukt bijna niet. Belangrijk is
in ieder geval wel op tijd het probleem te onderkennen.
Herpes, help!!
Sinds jaar en dag een onderwerp
van discussie omdat er een hoop onduidelijkheden over dit virus
bestaan. Het virus zou vroeggeboorten, pupsterfte, steriliteit
en nog veel meer vruchtbaarheidsproblemen veroorzaken. Fokkers
beschuldigen elkaar van geïnfecteerde dieren die elkaar
besmetten. Afwijkingen aan pups die door besmettingen zouden
ontstaan worden toegeschreven aan besmetting met het virus. Tijd
om een aantal van deze vragen weg te nemen.
Al in de jaren 60 werd het Canine
Herpesvirus (CHV) bij gestorven pups ontdekt. Na de ontdekking
is er een tijd lang stilte geweest en pas de laatste jaren is er
weer wat meer aandacht voor CHV ontstaan. Dit vanwege de
verrassend sterke verspreiding onder de hondenpopulatie. Bij
Engelse proeven werd bij honden een aanraking met het virus
tussen 1 en 88% (!) gevonden. Bij recent Nederlands onderzoek
was 39% van de onderzochte honden positief.
Overdracht en gevolg
Het virus wordt door zonlicht,
droogte en warmte snel geïnactiveerd. Overdracht gebeurt dan ook
voornamelijk door direct contact.
Een dekinfectie is bij
proefdekkingen nog nooit tot stand gekomen en is dan ook
voornamelijk theoretisch. Het verloop van de infectie is van een
aantal zaken afhankelijk:
Pups jonger dan 8 dagen zullen
vrijwel allemaal sterven, vaak zelfs voordat er
ziekteverschijnselen optreden. Als ze op oudere leeftijd
geïnfecteerd worden is de sterfte veel lager (+ 25%), maar
treden er andere klachten op die zelfs van blijvende aard kunnen
zijn.Zeker als het zenuwstelsel door het virus wordt aangetast,
maar ook nieren en ogen kunnen permanente schade oplopen.
Verschijnselen aan het zenuwstelsel kunnen zich uiten in scheve
koppen, tremoren (= trillingen) en tics.
Bij oudere pups en volwassen
honden treden slechts een milde neus- en keelontsteking op na
infectie met het virus. Het belang van CHV bij
vruchtbaarheidsproblemen is minder duidelijk.Infectie van
drachtige teven kan abortus, mummificatie en doodgeboorten
uitlokken.Dit is in grote mate afhankelijk van het tijdstip
tijdens de dracht waarop infectie plaatsvindt. Of CHV ook een
veroorzaker is van het moeilijk drachtig worden van teven is op
dit moment nog een vraagteken.
Diagnose
Bij gestorven pups kunnen via
sectie snel aanwijzingen worden gevonden voor een infectie met
CHV. In bijna alle organen treden bloedingen op. In de nieren
zijn beschadigingen echter het duidelijkst. Via bloedonderzoek
kan aangetoond worden dat honden een infectie doorgemaakt hebben
of op dat moment doormaken.
Behandeling
Indien een nest is aangetast, is
het zaak zo snel mogelijk de zieke van de gezonde pups te
scheiden. De omgevingstemperatuur zal moeten worden verhoogd.
Gedurende de eerste 4 dagen zal deze 30-32° C moeten zijn hierna
dalend tot 28° C tegen de zevende dag. Door een hoge temperatuur
zal het virus meer moeite hebben zich te vermeerderen. Door
middel van een infrarood lamp met daaronder een thermometer is
dit vrij nauwkeurig te reguleren. Verder kan serum dat een soort
enting bevat tegen CHV worden toegediend aan de pups. Indien
pups systemisch geïnfecteerd zijn met het virus, zullen deze
weinig effect sorteren. Verdere behandeling van de zieke pups
bestaat uit:
Preventie
Indien er zich in een kennel
vruchtbaarheidproblemen voordoen, is het aan te raden een aantal
maanden de fokkerij te stoppen om de infectiedruk te
verminderen. Ter voorkoming van klachten kan serum worden
toegediend aan gezonde pups afkomstig van een dier dat al een
infectie heeft doorgemaakt. Binnenkort wordt een vaccin op de
markt verwacht. Uit experimenten blijkt dat een 2-tal entingen
van de teef, 10 dagen na de dekking en 10 dagen voor de geboorte
een volledige bescherming van de pasgeborene oplevert na
infectie.
Conclusie
Indien er pups sterven zonder al
te veel symptomen is een infectie met CHV erg waarschijnlijk.
Het is dan ook erg belangrijk snel actie te ondernemen. Gezien
het veelvuldige voorkomen van honden die een infectie hebben
doorgemaakt, lijkt het weren van deze honden voor de fok niet
erg zinvol. Tenzij er vruchtbaarheidsproblemen bij deze honden
aanwezig zijn. Het vóórkomen van Herpes is dan wel erg hoof, het
aantal problemen dat het virus veroorzaakt lijkt in de praktijk
echter nogal mee te vallen.
Een
hotspot: wat is dat eigenlijk?
Veel
hondeneigenaren hebben het wel eens meegemaakt. Hun trouwe
viervoeter lijkt op een plekje wat jeuk te hebben, maar niets
alarmerends. De volgende ochtend worden ze begroet door een
treurig kijkende hond met een fikse kapotte plek op zijn dij, op
zijn kop, op zijn buik of achter zijn oren. Die plek is vaak
drijfnat en ziet eruit als rauw vlees. Alleen er naar kijken
doet al pijn. Met gezwinde spoed naar de dierenarts die dan met
een vrolijke glimlach roept: “O ik zie het al, een hotspot”.
“Nou da’s mooi”, denk je bij jezelf, “maar waarom doet mijn hond
dat nu”.
De eerste aanleiding voor het
ontstaan van een hotspot is vaak niet meer te achterhalen en kan
eigenlijk van alles zijn dat lokaal wat irritatie geeft. Een
insectenbeet (vlo, teek, vliegjes, mijtjes) of een plant kunnen
dit veroorzaken, soort van overgevoelige reactie van de huid.
Maar bijvoorbeeld ook een klit waaronder irritatie ontstaat. De
hond begint te krabben en/of te bijten om de jeuk te
verminderen. Helaas heeft dit een averechts effect, de jeuk
wordt alleen maar erger en zie daar is de vicieuze cirkel rond.
Er ontstaat een korst die herstel van de huid moet
bewerkstelligen, maar ook deze korst geeft weer jeuk. Op dat
moment is alleen het doorbreken van deze cirkel nog maar een
oplossing. Om die reden moet er in ieder geval voor gezorgd
worden dat het bijten of krabben stopt. Dit kan soms door de
hond een kap op te zetten of een sok om zijn poot doen. De wond
moet worden kaalgeschoren en gewassen worden met Betadine of met
een Biotex-oplossing. Daarna kan de wond gezalfd of gesprayd
worden. Hiervoor zijn diverse sprays en zalven die op de wond
gebruikt kunnen worden. De meeste van deze smeerseltjes
combineren een antibioticum met prednison-achtige (jeukremmende)
stof. Soms bevatten ze ook nog een geurstof om het bijten
onaangenaam te maken. Een goed alternatief voor deze stoffen is
soms een paar druppels Teatree olie (het liefst verdund op de
wond aanbrengen). Daarnaast zijn er homeopathische zalven
(bijvoorbeeld Calendula) of samen gestelde lotions (huidlotions)
in de handel die geen prednison-achtige stoffen bevatten en de
zelfde werking hebben als de hiervoor beschreven smeersels. Het
wassen dient de eerst twee of drie dagen herhaald te worden. Het
smeren dient gestopt te worden op het moment dat de wond totaal
genezen is (de korst moet verdwenen zijn).
Een enkele keer is het
noodzakelijk een prednison-achtige stof voor inwendig gebruik
voor te schrijven. Middels injectie of tabletten wordt deze dan
toegediend in de hoop dat het bijten of krabben daardoor snel
vermindert. Als de bijtwond zo erg is dat dit nodig is, zal ook
een antibioticum in tabletvorm worden voorgeschreven.
Meestal zijn deze hotspots een
eenmalig probleem, maar bij sommige honden komen ze steeds weer
terug. De ene plek is nog niet genezen of de volgende kondigt
zich al weer aan. Het is dan zaak om dieper op de achterliggende
oorzaak (vaak een allergie of een parasieten-infectie) in te
gaan. In die gevallen kan homeopathie vaak uitkomst bieden.
“Hotspot compositum” is een samengesteld homeopathisch preparaat
van Dierenkliniek Kortenoord dat bij de eenvoudige terugkerende
hotspots vaak uitkomst biedt. Het regelmatig terugkeren van
hotspots kan daarmee voorkomen worden. Een goede
vlo/tekenbestrijding naast een uitstekend onderhouden
vachtconditie is bij deze hond onontbeerlijk. Honden met een
sterke ondervacht of een onvoldoende uitgekamde vacht in de
zomer zijn gevoeliger. Als dat echter niet lukt, is een meer
gerichte homeopathische aanpak noodzakelijk.
Vuurwerk
Oud en Nieuw geen dierenfeest!

De dagen worden korter,
Sinterklaas is alweer op weg naar Spanje en voor je het weet zit
je af te tellen en is er alweer een jaar verstreken. Met een
oliebol en een glas champagne in de hand wordt op straat het
schitterendste vuurwerk afgestoken.
Lang niet altijd wordt daarbij
gedacht aan onze huisdieren. Vele zijn hiervoor doodsbang en
beginnen al tijdens de Kerst nerveus gedrag te vertonen. Als
het echte vuurwerk begint, weten ze dan ook vaak niet waar ze
het zoeken moeten. Voor deze honden en katten zijn er gelukkig
een aantal mogelijkheden om ze een iets rustiger nacht te geven.
Allereerst zijn er een aantal
tips om de aandacht wat af te leiden:
-
Doe de gordijnen dicht, dit
dempt de knallen en de lichtflitsen.
-
Zet muziek aan, hierdoor
worden de meeste geluiden overstemd.
-
Plaats ‘gele’ oordoppen in de
oren,
deze werken na enige tijd altijd (vergeet u niet om ze weer te
verwijderen)
Dan nog iets anders: Als uw hond
schrikt van een knal, niet troosten…. Hiermee beloont u
de hond voor het schrikken en wordt het alleen maar erger.
Als al deze maatregelen niet
helpen, kan er medicinaal ook nog het een en ander gedaan
worden.
Op oudejaarsavond kunt u honden
en katten tabletten geven om ze rustig te maken. Voor katten en
kleine honden is er Sedalin en voor de grotere honden
Vetranquil. Deze bevatten een tranquilizer (rustig makend
middel) dat na een korte periode werkzaam is. De tabletten
kunnen het best rond 20.00 uur gegeven worden. Wel is het
verstandig uw huisdier nuchter te houden om misselijkheid te
voorkomen. Helemaal ongevaarlijk zijn deze middelen niet. Honden
met epilepsie mogen ze niet gebruiken en aangezien het middel
een bloeddrukdaling geeft, kan het problemen opleveren bij
oudere dieren of hartpatiënten. Aan deze dieren en aan hele
kleine honden en katten kan beter Valium gegeven worden. De
dosering is erg individu afhankelijk, de ene hond van 25 kg is
volledig in coma, de andere hond van 25 kg zit nog fier overeind
alsof er niets is gebeurd. Er kan verzet tegen bestaan, de
honden kunnen er juist onrustig van worden. Als uw huisdier
eerder slecht op deze medicijnen heeft gereageerd, is het niet
verstandig om het gebruik te herhalen.
Heel belangrijk is dat u op
oudejaarsdag de hond even uitlaat op een plek waar niet al
teveel geknald wordt, anders is hij de rest van de dag zo
nerveus dat de tabletten niet helpen. Ook voordat u de tabletten
ingeeft, moet de hond het liefst zo rustig mogelijk zijn.
Vanwege het risico dat er bij deze middelen bestaat, adviseren
wij deze middelen niet al weken voor oud en nieuw te geven, maar
ze echt tot oudejaarsavond te beperken.
In de homeopathie bestaan wel een
aantal middelen die u de hond al weken van te voren kunt geven
om de angst voor vuurwerk en knallen wat te laten verminderen.
Allereerst kan het middel Passiflora oplossing bieden. Dit
middel is vergelijkbaar met valeriaan en maakt de hond over het
algemeen wat rustiger.
Ten tweede kan aan Prodier
Nervositeit worden gedacht. Een samengesteld middel met de
volgende bestanddelen: avena sativa, passiflora (beide
rustgevers) borax en rhodondendron (middelen die de angst voor
onweer en harde geluiden verminderen).
Ook kunt u denken aan het middel
Aconitum. Dit middel gebruikt u bij honden die zich letterlijk
en figuurlijk bijna doodschrikken bij vuurwerk. Het middel kan
in een D200 (1x per 7 dgn 2 korrels) worden gegeven.
Als al deze methoden en middelen
geen uitkomst bieden, kunt u er eventueel ook nog aan denken om
uw hond of kat in een kennel buiten de stad te brengen.
|
There
is no psychiatrist in the world like a puppy licking your
face
(Ben Williams) |
|